En als ik je zeg dat ik denk aan je, iedere nacht.
Iedere nacht hoop ik dat je me terug verwacht.
Dagen tel ik niet meer, mijn onnodige afstanden evenmin.
Ik verlang ondraaglijke nachten naar jou, je omhelzingen en je parfum.
Dat ik deze zwerverskledij aan de kant kan leggen,
dat ik mijn roemloos verleden zonder twijfels gedag kan zeggen.
En je kan me zeggen dat morgen anders zal zijn, dat zal het vast ook,
maar niet zonder jou, niet zonder goedkope wijn en
niet zonder het zachte parfum dat ik op en rondom je rook.