Hoe langer de nacht zich rekt,
des te meer mijn frustratie zich uitstrekt.
Over meren, snelwegen en bergenzoom,
het nestelt zich in mijn verhalen
tussen de boekenrekken en mensendroom.
En als de meren nu geen meren waren
maar gaten in het gebergte waar men
enkel nog maar over kan staren?
Ik dank je vanuit mijn hart en de liefde
die ik me niet meer kan herinneren.
Ik laveer tussen dagenlang en een viertal talen,
werk waar ik betaald krijg om water te halen.
Met een hekel als een Amerikaan, haat ik mijn baan en bestaan.
Ik probeer louter om als dichter bij de mensen te kunnen staan.
Ik bedrieg de nacht met mijn ogen blind
en laat me wegvoeren op een geurenwind van absinth.