Feeds:
Berichten
Reacties

Vanaf heden kan je mij terugvinden op http://www.brechtvermeire.be .

Breng koekjes mee!

Je bent er niet meer, en dat merk ik aan de kleur van mijn klei,
ik heb wat er van over is, de nagelaten geur in mijn penselen;
ik schrijf neer wat je eens zo machtig mooi tegen mij zei,
dat je tot op het eind van de rit het bed met mij zou delen.

Ik herhaal de vragen van dieren die zich tot mij wenden
En neem daarna een adembenemend middellauw bad;
ik draai me om naar het gezicht van oude bekenden,
en keer terug naar het moment dat ik je bij me had.

Je bent er intussen al langer niet meer,  en ik tel de dagen en uren,
tot het moment dat je er wel weer zal zijn.

En als ik je zeg dat ik denk aan je, iedere nacht.
Iedere nacht hoop ik dat je me terug verwacht.

Dagen tel ik niet meer, mijn onnodige afstanden evenmin.
Ik verlang ondraaglijke nachten naar jou, je omhelzingen en je parfum.

Dat ik deze zwerverskledij aan de kant kan leggen,
dat ik mijn roemloos verleden zonder twijfels gedag kan zeggen.

En je kan me zeggen dat morgen anders zal zijn, dat zal het vast ook,
maar niet zonder jou, niet zonder goedkope wijn en
niet zonder het zachte parfum dat ik op en rondom je rook.

Sterrenstad

Na uren stille sneren en verlangen
naar het vuur, naar warm vlees en
uitgestrekte meren

Na uren lanteren en omhangen,
nauwlettend observeren
van je nietszeggende blik
van alle kanten tot het memoriseren
van je droge
laatste snik
en niets meer

Dit wat was, was wat, was alles
dat kon volgen op valsheid

________________________________________

Een venster in de nacht, met sterren overtrokken
en de maan in al haar lauwzachte pracht.
Met een zoetzure smaak van zeezout in de mond
lik ik de parels van de avonddauw.
Genadeloos laat ik de zon voor wat ze is,
ik duik, maak me volledig vis en spartel
verder door het sterrenlicht.
De grauwe nacht is mijn terrein,
mijn eenzame speeltuin.

________________________________________

Je duikt ongevraagd op
uit mijn diepe meren.
De kleinste kleinigheden
vereenvoudigd en omzeild,
ik beklim je en spring naakt van je hoge rots.
Niet eenmaal maar
meerdere keren
Met een fles half opgezopen Schotsch.

Hoe langer de nacht zich rekt,
des te meer mijn frustratie zich uitstrekt.
Over meren, snelwegen en bergenzoom,
het nestelt zich in mijn verhalen
tussen de boekenrekken en mensendroom.
En als de meren nu geen meren waren
maar gaten in het gebergte waar men
enkel nog maar over kan staren?
Ik dank je vanuit mijn hart en de liefde
die ik me niet meer kan herinneren.

Ik laveer tussen dagenlang en een viertal talen,
werk waar ik betaald krijg om water te halen.
Met een hekel als een Amerikaan, haat ik mijn baan en bestaan.
Ik probeer louter om als dichter bij de mensen te kunnen staan.

Ik bedrieg de nacht met mijn ogen blind
en laat me wegvoeren op een geurenwind van absinth.

Ik ben Lewis

Ik ben de verdroogde sintvloed die het ijzer
in de hand van de heer van de zee
niet langer eert noch beleeft
En ik wil geen liefde van je paarden,
al is dat wederzijds
En ik wil geen green card naar de states
ik laat je vallen ma petite
in het web dat je voor mij weeft

Mijn woorden liegen en mijn liefde
als ik kon nam ik je paarden mee naar huis

________________________________________

Ik gaf je mijn balpen in een vlaag
van onontkomelijke waanzin
Je schreef op wit papier
En nam me mee op je onbevaarbare rivier

Ik voelde me als Lewis, als in Lewis en Clark
Een volledige dag kaarten, avondrust in een park
Maar uiteindelijk gingen we westwaarts toen we merkten
Dat de grond reeds was opgekocht
door projectontwikkelaars
________________________________________

Wij zijn kinderen laat in de nacht
Bloot en tenger, zwervend
Met het water aan onze enkels

Magnolia

Thus Magnolia, I sit on this train
My heart longing for you again
I walked snowy roads, woods and pines
And back on my way I draw these lines
Light and dark, darker, lighter
And with every line the road’s getting brighter
Magnolia, when I take you on my river
Upstream, mountains high
there’ll be no time for us to shiver

Elisa, we saw it all wrong

No more, love, our hearts will beat as one,
flowery carved walls have set me back too long.
To live this pain, my love, I was not born
I thought I could, apparently I saw it all wrong

Try to understand, our candle is once again dying
Our ocean went dry and now we walk these salty marshes
Please understand, All I ever did was trying,
but apparently we saw it all wrong

Our idea of getting along, our distant roads we’d travel,
our lonely songs. Every day apart from you I wept
Now you assure me, we’ll be able to go on,
I tell you this; We saw it all wrong.

Time again, is not what I need
For once my love, I’ll take my own lead

Elisa,

Flying I was! Comparing myself to birds up high
I had no words to feel, no stories to tell
Now I’m back to the dirt, under a turning sky;
tumbling down the well

I would be crazy if I kept holding on
There’s no hope left in that cutting cold wind.

Elisa II

Time to talk there isn’t, and silence doesn’t haunt like before
The sky is changing colors, and the water is rolling past my eyes
Elisa, try to understand, don’t walk out of that door.
How I’d like to lay down next to you on the soft green grass
I’d stroke your hair, I’d read you 19th century poetry
But where once was grass, now is snow, and you’d freeze if I did.
Now we look up to the sky, trying, but our attempts dying
Expecting our everything to return to us, so it seems
My eyes wander off back to the sea, you look at me, sighing
Far away now, but our heads still filled with our innocent dreams.
Softly our words, not spoken, sink deep beneath the sand
The mist is back, and the cool wind is whistling ‘round our ears
I look at you, I search for your hand
Now there’s nothing but tears.

Tijd is er niet om te praten, en de stilte grijpt me niet langer aan
De lucht bekent kleur, en het water druipt me langs de wangen
Ik vraag me af, Elisa, of we mekaar ooit terug zullen verstaan.
Wat zou ik nu graag naast je liggen in het natte gras
Je haar strelend, voorlezend uit een bloemlezing lofdichten
Maar daar ligt nu sneeuw, en je zou bevriezen als ik het je las.
Hier zitten we dan, kijkend, onze dagen slijtend
Denk je dan echt dat alles terug naar je toe zal komen?
Ik staar maar wat voor me uit, jij kijkt me aan, verwijtend
Verreweg de ideale plaats om er weg te dromen.
Stilletjes zinken onze woorden diep in het zand
De mist is terug en de kille wind fluit ons rond de oren
Ik kijk je aan, ik grijp naar je hand
Niemand kan ons nu nog horen.

For I, 10/12

Oudere Berichten »

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.